Recent Posts

  • 68. Die ene stem

    🚨KRAAKALERT🚨: deze week zit er in de podcast af en toe een kraakje in het geluid. Dus wees niet bang; uw telefoon of computer doet het gewoon nog. Maar dat u het even weet.

    Deze week leest Wieteke over Mozes en probeert ze de vraag te beantwoorden: Wat is God eigenlijk? Hoe ziet ie eruit? Deze tekst geeft wellicht wat aanknopingspunten.

    Deze aflevering heet Die ene stem. Luister nu via #spotify, www.gelukkigdemens.nl/68-die-ene-stem of je eigen podcastapp.

    Deuteronomium 4:1-20

    Luister dus, Israël, naar de wetten en de regels waarin ik u onderwijs en kom ze na. Dan blijft u in leven en kunt u het land in bezit nemen dat de HEER, de God van uw voorouders, u zal geven. Voeg niets toe aan wat ik u voorschrijf en doe er niets van af. Houd u aan de geboden die ik u geef; het zijn de geboden van de HEER, uw God. 

    […]

    Wees gewaarschuwd en neem u zorgvuldig in acht, zodat u nooit vergeet wat u met eigen ogen hebt gezien, maar de herinnering daaraan levendig houdt en alles aan uw kinderen en kleinkinderen doorvertelt.

    Vertel ze hoe u bij de Horeb voor de HEER, uw God, verscheen, nadat hij tegen mij  aangezien u geen gedaante hebt gezien toen de HEER u op de Horeb vanuit het vuur toesprak, moet u zich zorgvuldig in acht nemen: misdraag u niet door een godenbeeld te maken, een afbeelding van welk wezen dan ook, man of vrouw, of van een dier dat op het land leeft of van de vogels in de lucht, van kruipende dieren of van vissen in het water onder de aarde. En als u omhoog kijkt en de zon, de maan en de sterren ziet, al die lichten aan de hemel, laat u er dan niet toe verleiden daarvoor neer te knielen en te vereren wat de HEER, uw God, voor de andere volken op aarde heeft bestemd. Want u bent door de HEER uitgekozen en uit de smeltoven van Egypte weggehaald om hem als zijn eigen volk toe te behoren, zoals nu het geval is.

  • 67. Bidden

    En we zijn terug van vakantie. Alhoewel Wieteke is nog op vakantie. En in haar chalet heeft ze deze aflevering opgenomen. En ze kwam bij de vraag: hoe doe je dat eigenlijk als je dominee bent en op vakantie gaat. Stop je even met geloven? Stop je even met bidden? Zo makkelijk is dat nog niet. Misschien heeft Psalm 116 een oplossing.

    Deze aflevering heet Bidden. Luister nu via #spotify, www.gelukkigdemens.nl/67-bidden of je eigen podcastapp.

    Psalm 116:

    De HEER heb ik lief, hij hoort
    mijn stem, mijn smeken,
    hij luistert naar mij,
    ik roep hem aan, mijn leven lang.

    Banden van de dood omknelden mij,
    angsten van het dodenrijk grepen mij aan,
    ik voelde angst en pijn.
    Toen riep ik de naam van de HEER:
    ‘HEER, red toch mijn leven!’

    De HEER is genadig en rechtvaardig,
    onze God is een God van ontferming,
    de HEER beschermt de eenvoudigen,
    machteloos was ik en hij heeft mij bevrijd.

    Kom weer tot rust, mijn ziel,
    de HEER is je te hulp gekomen.
    Ja, u hebt mijn leven ontrukt aan de dood,
    mijn ogen gedroogd van tranen,
    mijn voeten voor struikelen behoed.

    Ik mag wandelen in het land van de levenden
    onder het oog van de HEER.
    Ik bleef vertrouwen, ook al zei ik:
    ‘Ik ben diep ongelukkig.’

    Al te snel dacht ik:
    Geen mens die zijn woord houdt.
    Hoe kan ik de HEER vergoeden
    wat hij voor mij heeft gedaan?

    Ik zal de beker van bevrijding heffen,
    de naam aanroepen van de HEER
    en mijn geloften aan de HEER inlossen
    in het bijzijn van heel zijn volk.

    Met pijn ziet de HEER
    de dood van zijn getrouwen.
    Ach, HEER, ik ben uw dienaar,
    uw dienaar ben ik, de zoon van uw dienares:
    u hebt mijn boeien verbroken.

    U wil ik een dankoffer brengen.
    Ik zal de naam aanroepen van de HEER
    en mijn geloften aan de HEER inlossen
    in het bijzijn van heel zijn volk,
    in de voorhoven van het huis van de HEER,
    binnen uw muren, Jeruzalem.

    Halleluja!

  • Zomerstop

    De komende weken gaan we even op zomerstop en zullen we geen nieuwe afleveringen maken. Maar eind augustus zijn we weer terug. Tot dan!

  • 66. Lopen over water

    Deze week leest Wieteke Johannes 6:16-21

    Bij het vallen van de avond daalden zijn leerlingen af naar het meer; ze stapten in een boot en zetten koers naar de overkant, naar Kafarnaüm. Het was al donker geworden, en Jezus was nog niet naar hen toe gekomen. Er stak een hevige wind op en het meer werd onstuimig. Toen ze vijfentwintig of dertig stadie geroeid hadden, zagen ze plotseling Jezus over het meer lopen; hij was dicht bij de boot en ze werden bang. Maar hij zei: ‘Ik ben het, wees niet bang.’ Ze wilden hem aan boord nemen, maar meteen kwam de boot aan land op de plaats waar ze naartoe wilden.

  • 65. De influencer

    Leef alle geboden die ik u vandaag voorhoud strikt na. Dan zult u in leven blijven, in aantal toenemen en het land dat de HEER uw voorouders onder ede heeft beloofd, binnengaan en het in bezit nemen.  Denk aan de tocht die de HEER, uw God, u door de woestijn heeft laten maken, veertig jaar lang. Hij wilde u zijn macht laten voelen en u op de proef stellen, om te ontdekken wat er in uw hart leefde: gehoorzaamheid aan zijn geboden of niet. U hébt zijn macht leren kennen: hij liet u honger lijden en gaf u toen manna te eten, voedsel dat u nooit eerder had gezien en uw voorouders evenmin. Zo maakte hij u duidelijk dat een mens niet leeft van brood alleen, maar van alles wat de mond van de HEER voortbrengt. Veertig jaar lang raakten uw kleren niet versleten en zwollen uw voeten niet op. Laat ieder van u dan beseffen dat de HEER, uw God, u opvoedt zoals een vader zijn kind opvoedt.  Leef daarom zijn geboden na door de weg te volgen die hij u wijst en door ontzag voor hem te tonen.

  • 64. Genade

    Deze week leest Wieteke 2 Korintiërs 12:5-9

    Wat mijzelf betreft zal ik me slechts op mijn zwakheid laten voorstaan. En zelfs al zou ik hoog van mezelf willen opgeven, dan nog zou ik geen dwaas zijn, want ik zou de waarheid spreken. Maar ik zie ervan af, want ik wil worden beoordeeld op grond van wat men van mij hoort en ziet, niet op grond van de uitzonderlijke openbaringen die ik heb gekregen. Om te verhinderen dat ik mezelf zou verheffen, werd mij een doorn in het vlees gestoken: ik word gekweld door een engel van Satan. Ik heb de Heer driemaal gesmeekt mij van hem te bevrijden, maar hij zei: ‘Je hebt niet meer dan mijn genade nodig, want kracht wordt zichtbaar in zwakheid.’ Dus laat ik mij veel liever voorstaan op mijn zwakheid, zodat de kracht van Christus in mij zichtbaar wordt.

  • 63. Alsof God bestaat

    Deze week leest Wieteke Psalm 85

    U bent uw land genadig geweest, HEER,
    u keerde het lot van Jakob ten goede,
    nam de schuld van uw volk weg
    en bedekte al zijn zonden.
    U bedwong uw woede
    en wendde u af van uw brandende toorn.

    God, onze helper, keer tot ons terug,
    onderdruk uw afschuw van ons.
    Wilt u voor eeuwig uw toorn laten duren,
    verbolgen zijn van geslacht op geslacht?

    Breng ons weer tot leven,
    dan zullen wij ons in u verheugen
    Toon ons uw trouw, HEER,
    en geef ons uw hulp.

    Ik wil horen wat God ons zegt.
    De HEER spreekt woorden van vrede
    tegen zijn volk, zijn getrouwen.
    Laten zij niet weer vervallen in dwaasheid!

    Voor wie hem eren is zijn hulp nabij:
    zijn glorie komt wonen in ons land,
    trouw en waarheid omhelzen elkaar,
    recht en vrede begroeten elkaar met een kus,
    uit de aarde bloeit de waarheid op,
    het recht ziet uit de hemel toe.

    De HEER geeft al het goede:
    ons land zal vruchten geven.
    Het recht gaat voor God uit
    en baant voor hem de weg. 

  • 62. Vermaning

    Deze week leest Wieteke Kolossenzen 3:18-25 & 4:1-6

    Vrouwen, erken het gezag van uw man, zoals past bij uw verbondenheid met de Heer.  Mannen, heb uw vrouw lief en wees niet bitter tegen haar. Kinderen, gehoorzaam je ouders in alles, want dat is de wil van de Heer. Vaders, vit niet op uw kinderen, want dat maakt ze moedeloos. Slaven, gehoorzaam uw aardse meester in alles, niet met uiterlijk vertoon om bij de mensen in de gunst te komen, maar oprecht en met ontzag voor de Heer. Wat u ook doet, doe het van harte, alsof het voor de Heer is en niet voor de mensen, want u weet dat u van de Heer een erfenis als beloning zult ontvangen – uw meester is Christus! Maar iedereen die onrecht doet zal daarvoor boeten, en daarbij wordt geen onderscheid gemaakt.

    Meesters, geef uw slaven waar ze recht op hebben en wat redelijk is, want u weet dat ook u een meester hebt, in de hemel. Blijf bidden en blijf daarbij waakzaam en dankbaar. En bid dan ook voor ons, dat God deuren voor ons opent om het mysterie van Christus te verkondigen waarvoor ik gevangenzit, en bid dat ik het mag onthullen zoals het moet. Gedraag u wijs tegenover buitenstaanders en benut iedere gelegenheid, en als u wilt weten hoe u op de mensen moet reageren: vriendelijk, maar beslist.

  • 61. Zwarte mosterd

    Deze week leest Wieteke Matteüs 17:14-20

    Toen ze zich weer bij de mensenmassa voegden, kwam er iemand naar hem toe die voor hem op zijn knieën viel 15en zei: ‘Heer, heb medelijden met mijn zoon, want hij is maanziek en lijdt daar erg onder; hij valt dikwijls in het vuur of in het water. Ik heb hem bij uw leerlingen gebracht, maar zij konden hem niet genezen.’ Jezus antwoordde: ‘Wat zijn jullie toch een ongelovig en dwars volk, hoe lang moet ik nog bij jullie blijven? Hoe lang moet ik jullie nog verdragen? Breng hem bij me.’  Daarop sprak Jezus de demon op strenge toon toe. Deze ging uit de jongen weg, en vanaf dat moment was hij genezen. Later kwamen de leerlingen naar Jezus toe. Eenmaal met hem alleen vroegen ze: ‘Waarom konden wij die geest niet uitdrijven?’ Hij antwoordde: ‘Vanwege jullie gebrek aan geloof. Ik verzeker jullie: als jullie geloof hebben als een mosterdzaadje, dan zullen jullie tegen die berg zeggen: “Verplaats je van hier naar daar!” en dan zal hij zich verplaatsen. Niets zal voor jullie onmogelijk zijn.’

  • 60. De handtas

    Gelukkig de mens is een podcast over de bijbel voor mensen van nu. Het zijn korte reflecties vanuit oude teksten en verhalen, op zoek naar de gemeenschappelijke deler: de mens.

    Deze week leest Wieteke Johannes 4: 1-30

    Toen Jezus hoorde dat aan de farizeeën verteld werd dat hij meer leerlingen maakte en er ook meer doopte dan Johannes – Jezus doopte overigens niet zelf, zijn leerlingen deden dat –, verliet hij Judea en ging weer naar Galilea. Daarvoor moest hij door Samaria heen. Zo kwam hij bij de Samaritaanse stad Sichar, dicht bij het stuk grond dat Jakob aan zijn zoon Jozef gegeven had, waar de Jakobsbron is. Jezus was vermoeid van de reis en ging bij de bron zitten; het was rond het middaguur. Toen kwam er een Samaritaanse vrouw water putten. Jezus zei tegen haar: ‘Geef mij wat te drinken.’ Zijn leerlingen waren namelijk naar de stad gegaan om eten te kopen. De vrouw antwoordde: ‘Hoe kunt u, als Jood, mij om drinken vragen? Ik ben immers een Samaritaanse!’ Joden gaan namelijk niet met Samaritanen om. Jezus zei tegen haar: ‘Als u wist wat God wil geven, en wie het is die u om water vraagt, zou u hém erom vragen en dan zou hij u levend water geven.’ ‘Maar heer,’ zei de vrouw, ‘u hebt geen emmer, en de put is diep – waar wilt u dan levend water vandaan halen? U kunt toch niet meer dan Jakob, onze voorvader? Hij heeft ons die put gegeven en er zelf nog uit gedronken, en ook zijn zonen en zijn vee.’ ‘Iedereen die dit water drinkt zal weer dorst krijgen,’ zei Jezus, ‘maar wie het water drinkt dat ik hem geef, zal nooit meer dorst krijgen. Het water dat ik geef, zal in hem een bron worden waaruit water opwelt dat eeuwig leven geeft.’ ‘Geef mij dat water, heer,’ zei de vrouw, ‘dan zal ik geen dorst meer hebben en hoef ik ook niet meer hierheen te komen om water te putten.’ Toen zei Jezus tegen haar: ‘Ga uw man eens roepen en kom dan weer terug.’ ‘Ik heb geen man,’ zei de vrouw. ‘U hebt gelijk als u zegt dat u geen man hebt,’ zei Jezus, ‘u hebt vijf mannen gehad, en degene die u nu hebt is uw man niet. Wat u zegt is waar.’ Daarop zei de vrouw: ‘Nu begrijp ik, heer, dat u een profeet bent! Onze voorouders vereerden God op deze berg, en bij u zegt men dat in Jeruzalem de plek is waar God vereerd moet worden.’ ‘Geloof me,’ zei Jezus, ‘er komt een tijd dat jullie noch op deze berg, noch in Jeruzalem de Vader zullen aanbidden. Jullie weten niet wat je vereert, maar wij weten dat wel; de redding komt immers van de Joden. Maar er komt een tijd, en die tijd is nu gekomen, dat wie de Vader echt aanbidt, hem aanbidt in geest en in waarheid. De Vader zoekt mensen die hem zo aanbidden, want God is Geest, dus wie hem aanbidt, moet dat doen in geest en in waarheid.’ De vrouw zei: ‘Ik weet wel dat de messias zal komen’ (dat betekent ‘gezalfde’), ‘wanneer hij komt zal hij ons alles vertellen.’ Jezus zei tegen haar: ‘Dat ben ik, degene die met u spreekt.’

    Op dat moment kwamen zijn leerlingen terug, en ze verbaasden zich erover dat hij met een vrouw in gesprek was. Toch vroeg niemand: ‘Wat wilt u daarmee?’ of ‘Waarom spreekt u met haar?’ De vrouw liet haar kruik staan, ging terug naar de stad en zei tegen de mensen daar: ‘Kom mee, er is iemand die alles van mij weet. Zou dat niet de messizas zijn?’ Toen gingen de mensen de stad uit, naar hem toe.

Volg ons nu op:

Ontvang een e-mail bij nieuwe afleveringen

We gebruiken het programma Mailchimp om je op de hoogte te houden van nieuwe afleveringen. Door op de knop 'Abonneren' te drukken ga je akkoord dat Mailchimp jouw gegevens verwerkt. Je kunt je op elk moment uitschrijven voor deze e-mails.